
Le Linge ***De loopgraven van de Eerste Wereldoorlog in de Elzas
De meeste verhalen over de Eerste Wereldoorlog spelen zich af in het noorden van Frankrijk of de velden van Vlaanderen. Dit komt vooral omdat daar de Engelsen slag leverden met de Duitsers en die Angelsaksen weten toch onze blik op dit conflict voor een groot deel in te kleuren. Natuurlijk heb ik over Verdun en de Chemin des Dames gelezen maar toch denk je bij een loopgraaf vooral aan de ellende in de modder bij Ieper en Amiens, ik wel althans.
Slagveld Elzas
Maar het bloedige conflict speelde zich ook in de Elzas af. Al was hier de beginsituatie en het toneel anders, de uitkomst was bijna identiek; de aanvallende partij liep al snel vast waarna de soldaten zich begonnen in te graven om vervolgens vier jaar met alles wat ze hadden op elkaar in te beuken zonder enig succes. Met alle ellende van dien.

De Duitse loopgraven zijn veel beter bewaard gebleven dan de Franse. Op de achtergrond staat een kruis die aangeeft dat daar een soldaat is gesneuveld.
De opening van de oorlog was al anders dan in het noorden. De Elzas behoorde namelijk in 1914 bij Duitsland. Dat had dit gebied namelijk na de oorlog van 1870 toegeëigend. De grens was door Bismarck na de overwinning op Frankrijk een kilometer of dertig naar het westen verschoven. Dit verlies, en dat van Lotheringen, was voor Frankrijk een open zenuw. Voor 1870, en nu trouwens ook, was de Rijn de grens, in 1914 lag die in de Vogezen. Bij het uitbreken van de oorlog was het voor de Fransen ook een ‘no-brainer’ om de Elzas te heroveren, het hoorde gewoon bij Frankrijk. Het Franse leger stortte zich onmiddellijk op Mulhouse en kreeg die stad ook vrij snel in handen.
Aanval op Frankrijk
Duitsland had een ander plan en wilde met een enorme scharnierbeweging via België direct Parijs aanvallen. Dat hierdoor Engeland direct bij de oorlog betrokken zou raken was een ingecalculeerd risico. Dit plan lukte bijna en met een uiterste krachtsinspanning kon het Franse leger de Duitsers aan de Marne vlak voor Parijs tegenhouden.
Deze ontwikkeling was voor de Fransen in de Elzas nogal zuur want ook zij werden opgeroepen om de hoofdstad te verdedigen terwijl het Rijndal voor het grijpen lag. Het leek erop dat slechts nog een een paar goed verdedigende Duitse stellingen onschadelijk moesten worden gemaakt en de klus was geklaard.
Eén van deze stellingen lag bij Le Linge. Nadat in 1915 duidelijk was dat Parijs veilig was besloot het Franse leger in juni van dat jaar de aanval te openen op de Duitse stellingen op de bergtop. Het duurde vijf maanden om het in handen te krijgen waarbij meer dan 17.000 mannen het leven lieten. Dat zijn zeer indrukwekkende aantallen die we ons nu eigenlijk niet meer kunnen voorstellen.
Lunchpauze
Onze aankomst was veel sneller maar wel een beetje surrealistisch. Het was eind oktober, redelijk mooi weer maar door de regen in de nacht daarvoor wel vrij dampig en mistig. Op de parkeerplaats stond één auto uit Bourgondië maar er was verder niemand te zien. Om het thema van de plek een beetje kracht bij te zetten is het terrein afgezet met roestig prikkeldraad waar een klein stuk geschut staat opgesteld. De ingang van het geheel bevindt zich voor een bunker maar die was gesloten. De lunchpauze begint in het najaar hier om 11.00 uur.

Opvallend is dat de loopgraven heel dicht bij elkaar lagen. Aan de linkerkant vlak naast het pad liggen de Duitse loopgraven terwijl aan de rechterkant bij het witte kruis de Fransen lagen. De Fransen veroverde de heuvel na maanden van strijd.
Dit mocht de pret niet drukken want het terrein is gewoon toegankelijk en via goede informatieborden wordt het verhaal van deze plek duidelijk in drie talen verteld. Prima geregeld dus en alle deelnemende partijen aan de oorlog komen zo alsnog aan hun trekken.
Op het terrein is het duidelijk dat de Duitsers de gevechtspauze hier tussen de herfst 1914 en juni 1915 goed hebben gebruikt om zich te versterken. De Duitse loopgraven beginnen al op het parkeerplaats, die er toen natuurlijk niet was, en zijn nog altijd in zeer goed conditie en uiterst strategisch boven op de heuvel geplaatst. Als je niet oplet val je er met auto en al zo in.
Enkele meters van elkaar
De Franse loopgraven bevinden zich vlakbij, op bepaalde plekken op slechts een paar meter. Het is goed dat her en der borden zijn geplaatst die aangeven waar de Fransen zich bevonden want van de Franse linie is bijna niets meer te zien. Nu waren die natuurlijk ook in de aanval maar het bevestigt ook het imago van de kwaliteit van de producten die worden geproduceerd door de beide naties.
Op bepaalde plekken staat een groot wit kruis met daarop een verhaal van die plek. Zo is bijvoorbeeld de tekst dat er een ene Jean op een plek in september 1915 is verdwenen op nog geen drie meter van zijn eigen loopgraaf en vijf meter voor die van de Duitsers. De woordkeuze geeft aan wat een hel het hier moet zijn geweest. Hoewel dit zich meer dan honderd jaar geleden voltrok blijven dit dramatische verhalen. Opvallend is dat niet alleen de Franse verhalen worden verteld, ook de belevenissen van de Duitse soldaten Klaus en Horst hebben hier een plaats.
Dat de Duisters het redelijk goed voor elkaar hadden in hun loopgraven merk je pas als je er loopt. De linie bestond uit drie lijnen die slingeren door het terrein. Dat slingeren van de loopgraven was expres want zo richtte een voltreffer van een kanon maar beperkte schade aan. Daarbij is het makkelijker verdedigen als de tegenstander eenmaal in de loopgraven zijn aangekomen. De linies zijn regelmatig versterkt met bunkers waar de soldaten dekking konden vinden bij de langdurige beschietingen. De kwaliteit van de loopgraven is na honderd jaar nog goed al ik zou er liever niet inzitten.
Verdwalen
Eenmaal in de loopgraven verdwaal je binnen een paar passen. Gelukkig zijn er drie routes goed aangegeven maar als je even niet oplet ben de weg kwijt en weet je echt niet meer waar je bent. Toen wij uiteindelijk de uitgang hadden gevonden, te herkennen aan de grote Franse vlag, ging het museum net open. Hier kan je uniformen, wapens en andere uitrustingsstukken van beide partijen bekijken. Voor de entree hoef je het niet te laten maar als je al eens bij zo’n plek naar binnen bent geweest is het niet de moeite. Het bijzondere aan deze plek zijn de loopgraven. Het zijn er bijzonder veel en in uitzonderlijk goede conditie, de Duitse tenminste.
Le Linge is één van de vele plekken in Frankrijk waar het verhaal van de Eerste Wereldoorlog wordt vertelt. Hoewel dit conflict enorme gevolgen heeft gehad op onze geschiedenis wordt hier het ‘kleine’ verhaal verteld van de soldaten zelf. Je kan je hier goed voorstellen hoe het is geweest om in de loopgraven te moeten vechten. Het maakt de gebeurtenissen uit die oorlog klein en menselijk. Wat zo goed aan Le Linge is dat ook het verhaal van de Duitse soldaten wordt verteld en dat siert de Fransen toch ook wel weer.
Video van Le Linge
E-Magazine Elzas

Kaart van Le Linge en omgeving
Les plus beaux villages de France weergeven op een grotere kaart
In de buurt van Le Linge
Haut-Koenigsbourg: het grootste droomkasteel van Europa ***
In de late Middeleeuwen verdampte de macht van de keizer en ontstonden er in de Elzas een tiental kleine staatjes. Ondertussen had de andere machtige vorst van West-Europa, de Franse koning, ook zijn oog laten vallen op de streek. Gedurende anderhalve eeuw hebben de kleine staatjes, denk aan het huidige Andorra of Liechtenstein, de Fransen buiten de deur weten te houden maar aan het einde van de zeventiende eeuw lukte het Lodewijk XIV toch om de Elzas bij Frankrijk te voegen.

Eén van de binnenplaatsen waar je je bijna in de middeleeuwen waant.
Voor Haut-Koenigsbourg betekende de Franse overheersing een tijd van verval. Het kasteel was lang de uitvalsbasis van een bende roofridders geweest waarna het in handen viel van de Habsburgers die wij kennen als keizers van Oostenrijk en natuurlijk als overheersers van de Nederlanden. Nadat Frankrijk de streek had ingelijfd verlieten de bewoners het gebouw en raakte het in verval.
Bij Duitsland
Aan het einde van de negentiende eeuw wisselde de Elzas van nationaliteit. In 1870 viel Pruisen Frankrijk binnen, maakte korte metten met het Franse leger om vervolgens in de spiegelzaal van Versailles Duitsland tot een eenheid uit te roepen.
Frankrijk kreeg een redelijke milde vrede opgelegd maar het besluit om zowel de Elzas als Lotharingen bij de nieuwe Duitse natie te voegen viel heel erg slecht. Het verlies van deze twee streken was een diep litteken bij de Fransen en het gevoel van onmacht was één van de vele oorzaken van de Eerste Wereldoorlog die in 1914 zou uitbreken.
In de Elzas zelf was lang niet iedereen blij met de Duitse overheersing gezien het feit dat meer dan 160.000 inwoners verhuisden naar Frankrijk. Waarmee is niet gezegd dat iedereen tegen de Duitse overheersing was. De meerderheid bleef gewoon in de streek wonen. Een van de grotere steden, Selestad, vond het in ieder geval nodig om een gebaar te maken aan hun nieuwe vorst en schonk in 1899 Haut-Koenigsbourg aan Keizer Wilhelm II.
Kado voor de Keizer
De staat van de vesting moet op dat moment dramatisch zijn geweest want het was bijna twee eeuwen onbewoond geweest en misschien was dat ook wel de boodschap die ze aan Berlijn wilde geven. Hoe dan ook was de keizer er blij mee en besloot de ruïne eens flink aan te pakken. De Berlijnse architect Ebhardt, de Duitse versie van Cuypers, werd aangesteld en na elf jaar werd het droomkasteel opgeleverd aan de keizer. Het had wat gekost maar dan had je ook een kasteel die middeleeuwser was dan ze in de middeleeuwen ooit hebben kunnen bouwen.

Bij binnenkomst kom je ogen te kort voor de details die zich aan de buitenmuren bevinden
Kosten noch moeite werden gespaard om het nieuwe gebouw oud te laten lijken en die unieke middeleeuwse sfeer te geven. Zo werden tot de verbijstering van de Elzassers de koperen dakgoten door de arbeiders net zo lang beklopt zodat er voldoende deuken en putten in zaten waardoor het leek dat het er al eeuwen stond. Wilhelm II maakte het allemaal niet uit en was heel blij met het resultaat van dit kostbare project. De ironie van de geschiedenis is dat het hele gebied inclusief het droomkasteel nog geen tien jaar later weer bij Frankrijk zou horen en dat de wereld van de keizer na vier jaar Eerste Wereldoorlog compleet verdwenen zou zijn.
Dit verleden maakt Haut-Koenigsbourg een uitzonderlijk gebouw dat je bij een bezoek aan de Elzas niet mag missen. Een bezoek maakt het alleen al leuk om je af te vragen hoeveel van de bezoekers beseffen dat het geheel helemaal niet uit de Middeleeuwen komt. Daarbij is het natuurlijk interessant om te zien hoe de adellijke cultuur uit de negentiende eeuw wilde leven.
Adel van de negentiende eeuw
Het is een cultuur die nu kennen uit bijvoorbeeld Downton Abbey. De onbezorgdheid, de kinderlijke smaak en fantasie en het totaal ontbreken van verantwoordelijkheidsbesef is een cultuur die ver van ons staat. In Downton hebben ze het trouwens wel door dat de tijden aan het veranderen waren. Haut-Koenigsbourg is zoals het er nu staat precies gebouwd op het punt waarop deze hoogmoed zijn piek bereikte vlak en voor de catastrofe die Europa en de wereld voorgoed zou veranderen.
Wie Europa wil begrijpen kan niet om Haut-Koenigsbourg heen op nog geen vijftig kilometer van Straatsburg waar eens per maand ons Europees Parlement zetelt in hun eigen droompaleis. En daarbij hoort natuurlijk ook het inleven en genieten van het droombeeld dat werd geschapen van de middeleeuwen, heerlijk! Kitsch maar wel lekker. Als je in de buurt bent zou ik zeker even een kijkje nemen!
Kaysersberg: het ultieme dorp in de Elzas ****
Eigen landje
Waarom niet meer dorpjes in de Elzas het label ‘Plus Beaux Village de France’ hebben weet ik niet precies maar Kayersberg zou eigenlijk hier niet mogen ontbreken. Al is het misschien een beetje groot voor een dorp, het was ooit zelfs de hoofdstad van een onafhankelijke republiek, het is wel bijzonder fraai.

De mooie vakwerk huizen geven Keysersberg je het idee dat je rondloopt op een modelbouwbaan.
De plek is bijzonder fraai uitgezocht aan het einde van een vallei van de Vogezen die eindigt in het dal van de Rijn. Volgens de geschiedenisboeken was Keizer Frederik II die het dorp heeft gesticht en dat zou ook direct de naam verklaren. Of hij er zich persoonlijk met de stichting van Kaysersberg heeft bemoeid is nog maar de vraag maar je hoeft geen militair genie te zijn om te zien dat de plek strategisch is gekozen. Dat goed te zien vanaf de ruïne van het kasteel waar je een perfect uitzicht hebt op het Rijndal en een beetje goede schutter met pijl en boog iedereen kan raken die via de vallei de Vogezen wil bereiken.
Uitzicht vanaf het kasteel
De klim naar de ruïne is trouwens een aanrader omdat hier niet alleen de mooi uitzicht hebt over het dal en de vallei maar ook op het oude dorp zelf. Wie wil kan ook de toren beklimmen waarop je een nog beter uitzicht hebt. De top is onlangs vernieuwd en lang niet zo eng meer als een aantal jaren geleden. De klim is wel erg donker maar als je ogen eenmaal gewend zijn is het goed te doen.
Om naar het dorp af te dalen heb je drie mogelijkheden, je kan onderaan direct rechtsaf, je kan omlopen via de wijngaarden of je kan linksaf, Deze weg loopt je via een trap naar de westelijke poort van het dorp en hoewel langer is het er rustiger. Eenmaal door de poort loop je door een straatje waar nog echte Kaysersbergers wonen in kleurrijke vakwerkhuizen. Al zou het mij het niet verbazen als Air BnB ook hier de boel aan het verpesten is en de oorspronkelijke bewoners uit hun huizen weet te lokken.
Versterkte brug
Het straatje eindigt vlakbij de volgende trekpleisters van het dorp de versterkte burg. Het is ook echt een prachtige plek waar het helaas bijna altijd druk is, met toeristen vooral. Wij zijn nooit in de zomer hier geweest maar hier loop je in augustus waarschijnlijk in een soort file. In de herfst valt het mee. De Elzas is eigenlijk op zijn mooist in de herfst, wij zijn er twee keer geweest en de diepe herfstkleuren passen de streek uitstekend.

Uitzicht vanaf de brug midden in het dorp
De versterkte brug ligt prachtig en vormt een soort pleintje. De constructie heeft zelfs een soort van kapel waar een maria kan worden aanbeden, heel romantisch allemaal. Aan de andere kant van de brug staan een paar fraaie huizen die zeker even de aandacht waard zijn maar na een paar blokken houdt het wel op met de historisch pret. Rechtsomkeer dus de brug weer over en dan linksaf de Rue Charles de Gaulle in. Een prachtige naam natuurlijk maar het doet toch vermoeden dat de straat in het verleden anders was, Grand rue zou het wel eens geweest kunnen zijn.
Hoe de naam ook mogen zijn, de straat is prachtig met kleurrijke huizen met heel veel details. Elzassers zijn dol op het versieren op hun huis en doen dat dan ook uitbundig. Of ze denken dat toeristen dat leuk vinden en ondersteunen zo de lokale economie. Dat Kaysersberg een bloeiende toeristenindustrie heeft is wel duidelijk maar het is nog niet op het niveau als Volendam bij ons en dat maakt het net te behappen. Er zijn wel flink wat souvenirwinkeltjes waar ze de bekende meuk verkopen maar er zijn ook bakkertjes en, nog beter, restaurants waar je heerlijk kan eten. Van goedkoop tot duur hier is voor elk wat wils te krijgen.
Een bezoek aan de kerk mag natuurlijk niet ontbreken en wie het geloofshuis bezoekt wordt verwend met een fraai altaarstuk uit de zestiende eeuw. Het betreft een drieluik aan de hand van Jean Bongartz en het is prachtig. Daarmee is de koek nog niet op want de kerk heeft ook fraaie brandgeschilderde ramen en een aantal mooie kapitelen.
Albert Schweitzer
Volgens de bekende groene gids moet ook de begraafplaats een bezoek waard zijn inclusief een grafkapel uit de vijftiende eeuw. Die hebben we maar even gelaten voor wat hij was en dat hebben we ook gedaan met het museum van Albert Schweitzer. Ik kende deze naam eigenlijk alleen van een school in de buurt waar ik ben opgeroeid maar weet nu dat deze Nobelprijswinnaar van de vrede in Keysersberg is geboren.
Wij kozen ervoor om een wandeling te maken door de wijngaarden en door de bossen naar het volgende dorp waar onze gîte zich bevond. Zo’n wandeling is een echte aanrader en goed voor de eetlust. Dat laatste heb je wel nodig in deze streek.


