Tag Archief van: Amerika

Romagne *****
Uniek museum over de Eerste Wereldoorlog

Een tiental kilometer boven Verdun staat midden in het dorpje Romagne-sous-Montfaucon een bijzonder museum. Hier kan je in een grote schuur naast de kerk midden in het dorp een indrukwekkende verzameling spullen uit de Eerste Wereldoorlog bekijken, voelen en ruiken.

Met een unieke manier van tentoonstellen zorgt dit museum ervoor dat je de Eerste Wereldoorlog vanaf een ander perspectief gaat zien en daarmee eigenlijk alle oorlogen. En als je dat daarbij ook nog emotioneel wordt geraakt dan doe je iets als museum heel erg goed.

Het museum in het noorden van Frankrijk stond al een tijd op mijn lijstje. De Eerste Wereldoorlog heeft al een paar jaar mijn interesse en ik had al een paar unieke plekken in Frankrijk en België bezocht toen er op de school van mijn kinderen een gastles werd aangekondigd over de Eerste Wereldoorlog waarbij ook ouders welkom waren. Natuurlijk was ik daarbij.

Romagne

Rating:

5 van 5 sterren (?)

Zeker zien:

- Museum Romagne 14-18
- Militaire begraafplaatsen
- Jean-Paul de Vries

Locatie:

open in maps

Locatie:

Open in maps

Het bleek een ‘collegetour’ te zijn onder leiding van de BN-er Diederik van Vleuten met als onderwerp een het museum van Jean-Paul de Vries in Romagne. Ik had een heerlijke avond waarbij een Duitse pothelm door het publiek rondging terwijl de eigenaar van het museum zijn verhaal vertelde. Ik moest er een keer heen en daar was mijn vriendin het helemaal mee eens.

‘Ik doe het museum wel open voor jullie’

Twee jaar later kwam er het van en reden wij rond half één ‘middags Romagne-sous-Montfaucon binnen. Het museum is makkelijk te vinden maar leek gesloten. We parkeerden de auto achter het gebouw en liepen, rekening houdend met een teleurstelling, naar de ingang. Deze bleek dicht maar na een minuut hoorden we geluiden van binnen komen waarna een vrolijke jongeman de deur open deed en aan ons vroeg of we voor het museum kwam. Dat kwamen we. “Dan doe ik het voor jullie open”, terwijl hij een enorme hond die ons vriendelijk aankeek in bedwang hield. “Ik moet hem even opsluiten”, verklaarde hij in Nederlands, “Anders neemt hij de benen.”

Museum Romagne 14-18 in Noord-Frankrijk

Terwijl hij dat deed liepen wij achter hem aan het museum binnen. De eerste ruimte lijkt meer op een rommelige bar van een hippe strandtent in Bretagne dan een restaurant van een museum. De muren hangen vol met spullen uit de oorlog en de tafels staan rommelig door elkaar. In een hoek staat een toren van vier kratten Jupiler. Hier is het duidelijk vaak druk en gezellig en daar hou ik van.

De jongeman heeft inmiddels de hond opgesloten en opent een deur van de ruimte waar de tentoonstelling is. Hoewel hij zeer goed Nederlands spreekt valt het mij op dat hij de lidwoorden niet feilloos gebruikt en vraag ik hem of hij hier of in Nederland is geboren. Hij vertelt hier te zijn geboren en ik besef mij dan nog niet dat ik met de zoon van de eigenaar heb te maken.

Verschillende niveaus

De tentoonstelling bevindt zich in de grote loods naast de bar en is ingedeeld in verschillende niveaus. Hier staat een interessant open houten bouwwerk met veel trappetjes, balkons en vides. We worden helemaal naar boven geleid waar een kleine ruimte is met een televisie waar we worden verzocht om eerst een video te bekijken voordat we de collectie bekijken. Dat doen we braaf en dat geeft de jongen de tijd om zijn vader te waarschuwen, de entree mogen we later wel betalen.

De video gaat over niet over de Eerste Wereldoorlog, niet over de impact van het conflict, niet over hoe deze is ontstaan en zelfs niet over het ellendige leven van de soldaten aan het front. Het gaat wel over hoe het museum is ontstaan en hoe Jean-Paul hier is gekomen. Toeval hierbij speelt een grote rol want in zijn jeugd overnachtte hij hier met zijn ouders op weg naar het zuiden. Het gezin had het naar zijn zin en zag die zomer nooit de Middellandse Zee. Jean-Paul trok die vakantie buiten het dorp een helm uit de modder en de rest is geschiedenis. Een mooi verhaal dat ook nog eens goed wordt verteld.

Bijzonder tentoongesteld

Veldflessen in het museum Romagne 14-18 in Noord-Frankrijk

De berg veldflessen is indrukwekkend en doet je inzien waar oorlog over gaat.

Na deze video gaan we de collectie bekijken. Hoewel je (bijna) alles mag oppakken en aanraken doen we dat niet. Als je in een museum bent ga een toch over op een modus waar je keurig met je handen op je rug de zaken staat te bekijken. Dat hoeft hier niet maar wij deden het toch. Je moet toch over een bepaalde grens heen en dat duurt even.

De collectie is op een wonderlijke manier tentoongesteld. De verzameling, bijna allemaal binnen vijf kilometer van het dorp gevonden, is ingedeeld op soort en functie. Zo is er een hele kast vol met medicijnenflesjes, een compleet ingerichte bar, een wand vol met spades, een berg met veldflessen en ga zo maar door.

Spullen meezeulen

Zo krijg je een goed idee welke spullen er door de soldaten werden gebruikt. Dat zie je natuurlijk wel meer op dit soort plekken. Zo heb ik mij verbaasd in Beaumont-Hamel over de spullen die een Britse soldaat mee moest nemen als hij ten aanval trok; vijftien kilo aan zooi waar hij niets aan had tijdens een gevecht. Ga daar maar eens een machinegeweer mee bestormen.

Daar, op het slagveld in Picardië, was een informatiecentrum waar ze een pop hadden aangekleed in volle wapenrusting en dat is best indrukwekkend maar je ziet er maar één. Hier zie je iets anders. Hier zie je pas hoeveel spullen je nodig hebt als je met een leger van soldaten ten strijde trekt en dat is indrukwekkend!

Granaathuls als vaasje

Het is een ongelooflijke berg meuk waarbij het opvalt dat de hoeveelheid wapens maar een klein deel is; een bosje geweren, een paar messen en een reeks pistolen en dat is het. Wel zijn er redelijke wat hulzen van granaten te zien en dat is logisch want die hou je over als hebt geschoten en dat deden ze in die tijd heel veel. Veel hulzen van granaten zijn bewerkt en zijn nu ware kunstwerkjes die kunnen dienen als een vaasje.

Bewerkte granaathulzen zijn nu vaasjes

Granatenhulzen zijn een geliefd voorwerp om kunst van te maken.

Dit had ik eens gezien in een gîte waar met twee van dit soort versierde hulzen en een portret van opa in uniform een soort van altaar was gemaakt. De beste man was gevallen bij een Franse aanval op de ‘Chemin des Dames’ niet zo heel ver van Romagne vandaan.

De vaasje fascineerde mij omdat het de mens in de oorlog laat zien; in groots mogelijke ellende is heeft de mens toch de neiging iets moois te maken. Er is na 1918 een hele industrie ontstaan die de hulzen bewerkte maar ook tijdens de oorlog waren de hulzen een gewillig object om ’trench art’ van te maken.

Waarom zou je dat als soldaat nu doen? Ten eerste omdat de metalen hulzen overbleven en de cilinders an sich wel mooie glimmende voorwerpen zijn. Daarbij waren er veel van, lieten zich makkelijk bewerken en was er bovendien voldoende gereedschappen voorhanden.

Maar bovenal werd er niet altijd maar gevochten tijdens de oorlog. Er gebeurde soms weken niets en moeten de soldaten zich behoorlijk hebben verveeld. De een leest dan een boek of schrijft er één, de ander legt een kaartje en weer een ander gaat iets maken. Dat is ook echt een kenmerk van een mens want al in de prehistorie bewerkte wij al onze speren. De behoefte om er iets moois van te maken is er altijd geweest. Ook al is het van een restproduct waarmee net geprobeerd is andere mensen te doden.

Lekker aanraken

Bij het bekijken van deze geweldige berg ‘gevonden voorwerpen’  waren viel het mij op dat nergens een kaartje staat wat het is. Je moet het gewoon maar uitzoeken en omdat je zo’n beetje alles mag oppakken en aanraken sta je voor je het weet te discussiëren wat een bepaald voorwerp is en wat de functie is geweest.

Terwijl wij zo stonden te praten was inmiddels de eigenaar gearriveerd en kwam onmiddellijk naar ons toe. Ik kreeg de indruk dat hij dat bij iedereen doet want hij is zeer toegankelijk en wil graag vertellen over van alles en nog wat. Allereerst feliciteerde ik hem om het feit van President Trump niet was langs geweest want tijdens de collegetour op de school van mijn kinderen had hij toegegeven dat hij daar toch het meest tegen op.

Geen Trump

Waarom zou de president van de Verenigde Staten die schuur met oude zooi bezoeken hoor ik al enkele lezers zich afvragen. Naast het museum van een Nederlander bevindt zich ook de grootste erebegraafplaats voor gevallen Amerikanen in Europa. Tijdens de herdenking van het einde van de oorlog in 2018 zou Trump deze bezoeken en daarmee was de kans zeer groot dat ook het museum zou worden bezocht, of de eigenaar het daar mee eens was of niet. Uiteindelijk kwam de bewoner van het Witte Huis helemaal niet want het regende of zoiets. Hij zou daarbij een niet zo respectvolle opmerking hebben gemaakt maar of dat waar is weet ik niet.

Zalfjes en kammetjes in het museum Romagne 14-18 over de Eerste Wererldoorlog

Zo nu en dan duikt er tussen de rommel een zeer herkenbaar object op zoals hier een blikje met Nivea Crème.

“Hij is inderdaad niet geweest maar ik ben heel blij dat de herdenkingen voorbij zijn”, vertelt Jean-Paul de Vries. “Behalve Trump hebben we hier het hele jaar toch allerlei hoge piefen gehad; senatoren, generaals, ministers en nog veel meer. Klinkt allemaal leuk maar door de veiligheidsmaatregelen heb je niets meer te vertellen in je eigen museum, ze nemen gewoon de boel over.”

De veiligheidsmaatregelen zelf waren wellicht de reden voor het bezoek aan het museum. “Denk maar niet dat ze voor de tentoonstelling kwamen. Dit gebouw heeft namelijk dikke muren en weinig ramen en is dus makkelijk te beveiligen. Daarbij heeft het een bar en dat maakt het natuurlijk helemaal aantrekkelijk. Niet zo leuk voor ons want ze nemen de boel gewoon in bezit en niemand mag er zonder toestemming meer in. Zo hebben ze een stuk uit een tent in de tuin gesneden zodat een schutter in de kerktoren beter zicht had. Gelukkig is het nu voorbij en hebben we nu weer gewone bezoekers”, verzucht de nog licht geïrriteerde museum eigenaar.

Veldslag in 1918

Het ereveld zelf bevindt zich net buiten het dorp op de plek waar is gevochten. Hier vielen de Amerikanen  in de nadagen van de oorlog de stellingen van de Duitsers aan. “Er is hier alleen in de laatste drie maanden van de oorlog gevochten.” vertelt Jean-Paul

“We zitten hier niet ver van Verdun waar een bloedige veldslag is uitgevochten maar gevochten werd hier niet. Het lag achter de Duitse linie en er was een Duits veldhospitaal waar ernstig gewonde soldaten werden verpleegd. Veel daarvan hebben het niet gehaald en liggen op een Duits ereveld in het dorp.” Dat verklaard ook de grote hoeveelheid medicijnen in de collectie.

Volgens De Vries is het Duitse ereveld trouwens veel opzichten beter want daar worden de doden van de oorlog op een waardige manier herdacht. De Amerikaanse begraafplaats heeft met zijn groteske en pompeuze landschapsarchitectuur een hele andere sfeer. Hier worden de helden van de oorlog geëerd waardoor je bijna zou denken dat het een grote eer is om voor je land het leven te laten. Maar zo gaat het volgens Jean-Paul niet in een oorlog. Ik heb beide begraafplaatsen gezien en de man heeft een punt.

Amerikaanse Militaire begraafplaats in Romagne in Frankrijk

De witte kruizen staan keurig op een rij op de Amerikaanse militaire begraafplaats.

Als je de Amerikaanse militaire begraafplaats oprijdt heb je het idee dat je Amerika bent ingereden. Bij de de toegang tot het terrein staan aan beide kanten twee witte gebouwen met grote beelden van adelaars. De vogels kijken streng maar het valt mij op dat ze aan de gezette kant zijn, dat past wel bij de VS. Grote strak geknipte heggen en grasvelden omringen de brede oprijlanen met in het midden een grote fontein die in een soort van vallei ligt. Aan de ene kant liggen de gesneuvelde soldaten met elk een dik witmarmeren kruis, of in geval van een joodse soldaat een David ster. De kruizen staan zo dat onder elke kijkhoek een keurige lijn ontstaat. Bovenop de heuvel staat een enorm herdenkingskapel waar een laan met aan beide kanten bomen naar toe leidt. Het is allemaal erg indrukwekkend, helemaal omdat er zoveel kruizen staan (een kleine 15.000).

De gevallen Duitsers liggen aan het begin van het dorp en hebben veel kleinere donkere kruizen. De ingang van de begraafplaats is tevens een kapel en tussen de graven staan grote dennen. Natuurlijk heeft Duitsland de oorlog verloren, en die daarna ook. Enige somberheid past bij een verliezer maar hier voel je beter de pijn van de oorlog.

Wat doet het museum met je?

Maar nog één keer terug naar het museum want als je beseft dat de boel die daar ligt slechts het resultaat is van gevechten die hier in de laatste drie maanden van de oorlog zijn gevoerd dan is het bijna niet te bevatten. Alles wat daar ligt is ergens geproduceerd en hier naar toe gebracht. Als je nog in acht neemt dat de tentoonstelling slechts een derde van de 300.000 voorwerpen laat zien die door Jean-Paul en zijn team in de omgeving gevonden is én dat we niet weten wat er nog allemaal in de grond ligt dan begint het je te duizelen.

Wat moet er dan allemaal nog in de grond liggen op een plek waar drie jaar lang is gevochten? Wat is die oorlog een belachelijk gesleep geweest van mensen, spullen en materialen. Hoeveel levens hiervoor zijn gevallen en hoeveel mensen hiervoor hebben geleden. Het is je bijna niet voor te stellen.

Bij het wegrijden uit Romagne-sous-Montfaucon dachten we in de auto allemaal aan de indrukkende verzameling spullen in die schuur naast de kerk. Het is een unieke manier om iets bij je los te maken en dat is heel knap.

Als je de Eerste Wereldoorlog een beetje wilt begrijpen dan moet je hier heen.

Video van Romagne


Beelden van Romagne

E-Magazine

In bezit een ereader of tablet? Download dan één van de E-Magazine. Deze lees lekker je op je vakantieadres en ontdek je mooiste dorpen en leukste plekken.

Kaart van Romagne en omgeving


Les plus beaux villages de France
weergeven op een grotere kaart

Sainte Mere Eglise: het beroemdste Franse dorp in Amerika ****

Sainte Mere Egilse nomandie kerk parachutist john steele

Het kerkje in Sainte Mere Eglise. Op de toren hangt een pop met een parachute als gedenkteken voor John Steele.

Hij werd in zijn voet geraakt en hield zich twee uur dood. Uiteindelijk werd hij door een Duitse soldaat van de toren gehaald hoewel hij die niet kon horen omdat hij al die tijd vlak naast de beierde klok had gehangen. Nu hangt er een pop aan de kerk om dit verhaal levend te houden. De film werd hier opgenomen, precies op de plek waar het gebeurd is.

Dé Amerikaanse held heeft dus niet in zijn eentje het halve Duitse leger verslagen of zoiets, maar iemand die heeft een slachting overleefd door zich dood te houden om vervolgens gevangen te worden genomen. Het is een typerend verhaal hoe het de Amerikanen op 6 juni 1944 is vergaan.  Terwijl de Britten en Canadezen vijftig kilometer verderop redelijk makkelijk de kust bestormden, kreeg het Amerikaanse leger het behoorlijk voor hun kiezen. Op één van de twee stranden, Omaha beach, liep de aanval bijna vast en hielden de commandanten er serieus rekening mee dat ze zich moesten terugtrekken. Uiteindelijk kwam het goed, al vielen er veel doden. Op het andere Amerikaanse strand, Utah Beach, verliep de aanval goed en werd het Duitse verzet binnen een paar uur gebroken.

Luchtlandingen

In deze sector lagen de problemen meer landinwaarts. Om de troepen die vanaf het strand zouden arriveren te beschermen tegen een Duitse tegenaanval werden in de nacht voor de aanval meer dan 23.000 luchtlandingstroepen boven Cotentin gedropt. Terwijl de Britse parachutisten precies op de plek landden waar ze zouden moeten landden en binnen een paar uur hun doelen bereikten, raakten de Amerikanen compleet verspreid over een groot gebied rondom Sainte Mere Eglise.

Sainte Mere Egilse nomandie kerk glas in lood

De glas in lood ramen zijn gemaakt na de oorlog en stellen de gevechten in het dorp voor.

In de film ‘The Longest Day’ en het tweede deel van de serie ‘Band of Brothers‘ wordt een goed beeld gegeven van de chaos van die nacht. Veel parachutisten verloren bij hun sprong hun uitrusting zodat sommige Europa begonnen te bevrijden met enkel een dolk. Wat een helden!

Een aantal van de parachutisten hadden de pech precies te landen op het dorpsplein waar de hele bevolking aanwezig was voor het blussen van een brand. Helaas waren daar ook veel Duitse soldaten aanwezig en die begonnen met prijsschieten op de neerkomende Amerikanen.

Ondanks de chaos wisten veel Amerikanen zich te organiseren en de aanval op het dorp te openen. De chaos die de Amerikanen er in  de eerste uren van maakten had als voordeel dat de Duitsers niet goed begrepen wat er gebeurde.

De kleine groepjes Amerikanen die van alle kanten aanvielen gaf de Duitse commandanten het idee dat ze met een veel groter leger te maken hadden. Hierdoor werd de verdediging niet goed georganiseerd waarvan de Amerikanen weer van profiteerden.

Ondanks een aantal puike staaltjes van krijgsmanskunst lukten het de parachutisten niet om Saint Mere Eglise vast in handen te krijgen. Dat lukte pas toen de tanks die op Utah Beach, zo’n 8 kilometer verderop, waren geland en op het toneel verschenen en daarmee was de slag om Saint Mere Eglise beslist.

Hechte band

De gebeurtenissen in de nacht van 6 juni 1944 heeft het dorp voorgoed veranderd. De bloedige strijd tegen de Duitsers zorgde voor een hechte band tussen de bevolking en de Amerikaanse soldaten, te meer omdat na de strijd in het dorp een veldhospitaal werd ingericht waar de gewonden van de Slag om Normandië, die tot augustus 1944 zou duren, werden verzorgd. Tevens werd er vlakbij het dorp binnen twee dagen na de invasie een klein vliegveld ingericht waar jachtvliegtuigen werden gestationeerd. Saint Mere Eglise kreeg zo een belangrijke rol in dit verhaal.

Na de oorlog werden in en rondom Sainte Mere Eglise op tal van plekken gedenktekens en monumenten opgericht. In 1961 werd op het dorpsplein opnames gemaakt voor de film ‘The Longest Day’. Mede door het succes van deze film werd Saint Mere Eglise bij het grote publiek in Amerika bekend. Het dorp werd zo het symbool voor Amerikaanse strijd tegen de Duitsers en daarmee een soort bedevaartsoord voor toeristen die zijn geïnteresseerd in de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog. En dat is het eigenlijk nu nog. Sainte Mere Eglise is tevens het vaste decor voor de herdenkingen van D-Day die eens in de zoveel jaar worden gehouden.

Wij bezochten het dorpje in Normandië in het begin van mei en toen was het al vrij druk met toeristen. Naast de gebruikelijke Fransen en Nederlanders troffen we hier veel Britten en Amerikanen aan. Alles in het dorp staat in het teken van de luchtlanding en dat is eigenlijk erg leuk. Zelfs de kerk ontkomt er niet aan. Deze was tijdens de gevechten behoorlijk beschadigd geraakt en moest dus na de oorlog worden gerestaureerd. In de kerk is een monument te vinden en een aantal bijzondere glas-in-lood ramen die de gebeurtenissen visualiseren.

Musée Airborne

Eén van de dingen die je niet mag overslaan is het Musée Airborne waarvan de ingang aan het kerkplein grenst. Je kan het niet missen. Je moet wel betalen om binnen te komen, maar de prijs is niet heel hoog en het is het waard. De interessante collectie omvat allerlei spullen die tijdens de landing werden gebruikt. Het museum omvat drie paviljoens waarvan er twee de vorm hebben van een parachute. Mooi of niet, het is ieder geval opvallend en passend. Het eerste gebouw herbergt een replica van een zweefvliegtuig waarmee de Amerikanen zijn geland in de buurt van het dorp.

Sainte Mere Egilse museum airborne waco zweefvliegtuig glider

In het museum is een replica van een Waco zweefvliegtuig te bewonderen zoals die werd gebruikt bij de luchtlandingen tijdens D-Day.

Het tweede gebouw is groter en daar vind je een C-47, ofwel een DC-3. Naast de vliegtuigen wordt het verhaal vertelt aan de hand van allerlei voorwerpen. Zo kan je er veel wapens bewonderen, maar leuker nog zijn de allerhande voorwerpen die de parachutisten bij zich hadden. Elke soldaat had onder andere een stapeltje geldbiljetten bij zich, een slof sigaretten maar ook een setje condooms. Ze waren dus ook voorbereid op een treffen met de Franse vrouwen.

‘Ervaar de landing’

Het derde gebouw is geopend in 2014 en daarin wordt op een hele andere manier de geschiedenis verteld. Hier ligt de nadruk op de ervaring en wordt je als bezoeker meegenomen in het avontuur van de Amerikanen. Bij binnenkomst stap je in een ‘vliegtuig’ en loop je als het ware door het verhaal heen. Door middel van geluids- en lichteffecten maak je het hele gevecht mee. Ik ben eigenlijk nooit voorstander van deze manier van tentoonstellen omdat het snel lullig overkomt. Maar hier was het anders en kon ik mij  goed inbeelden hoe het is geweest om boven bezet Frankrijk te worden gedropt. Knap gedaan door die Fransen.

Hoewel dit gebouw achteraan staat, zou ik iedereen aanraden om als eerste dit deel van het museum te bezoeken. Dan zit je direct goed in het verhaal en dat maakt de twee andere paviljoens interessanter.

Monumenten en gedenktekens

Sainte Mere Egilse parachutist iron mike la fiere

Het standbeeld ‘Iron Mike’ op de plek langs de rivier de Meredet waar de 82ste luchtlandingsdivisie slag leverde.

Als je alles wilt zien in Sainte Mere Eglise dan ben je wel meer dan een dag kwijt. Wij zaten in een gîte in Orglandes, twee dorpen verder en hebben veel in het gebied rondgereden. Het landschap is trouwens erg geschikt voor de fiets, maar die hadden wij niet bij ons. Langs elke weg of straat kom je wel een gedenkteken tegen. Het zijn er zoveel dat het niet te doen is om bij allemaal te stoppen, al zal de echte liefhebber dit wel doen.

Toch hebben we dat veel gedaan en twee hebben indruk gemaakt. De eerste kwamen we toevallig tegen en die bleek op de plek te staan waar een lange scene uit het tweede deel van ‘Band of Brothers‘ zich afspeelt. Met slechts een paar man wisten de Amerikanen een flink aantal Duitse kanonnen uit te schakelen die de landingstroepen op Utah beach aan het beschieten waren. Deze aanval geldt als een klassiek voorbeeld en is nog altijd vaste kost op de Amerikaanse Militaire academie.

Een ander monument die ik indrukwekkend vond staat bij een brug over het riviertje de Merderet langs de D15. Deze brug was de enige westelijke toegang tot Sainte Mere Eglise en vormde het doel van een Duitse tegenaanval. Dit gevecht staat bekend als de slag om La Feire en heeft drie dagen geduurd. Er staat nu een groot beeld van een Amerikaanse parachutist die ‘Iron Mike’ is gedoopt. Deze plek is al vaak het decor geweest van herdenkingen waarbij niet zelden de veteranen nog een keer uit een vliegtuig sprongen.

In Orglandes, voor een week ‘ons dorp’, is een grote oorlogsbegraafplaats. Niet van de geallieerden, maar van de Duitsers. Die liggen hier natuurlijk ook. Daar zijn we natuurlijk ook even gaan kijken en dat was indrukwekkend. Er liggen daar meer dan 10.000 Duitsers en al ben ik blij dat de Amerikanen en de Britten West-Europa hebben bevrijd, zijn dit natuurlijk ook 10.000 persoonlijke drama’s.