Rochefort-en-Terre
Bloem- en sfeerrijk dorp in Bretagne

Rochefort-en-Terre ligt in een prachtig gebied in het zuiden van Bretagne dat bekend staat als de bloementuin van de streek. Nu zijn wij wel wat gewend in Nederland als het om bloemen gaat, maar dit dorp kan zich qua bloemen meten met wat wij hier in Nederland hebben. De straatjes en pleintjes in het dorp zijn in een uitzonderlijk goede conditie.

De geschiedenis van Rochefort-en-Terre gaat terug naar de Romeinse tijd toen hier al mensen woonden. In de middeleeuwen wordt er in de twaalfde eeuw hier een kasteel gebouwd. Het dorp wordt daarna het administratief centrum van de streek en kent tot de achttiende eeuw een grote bloei.

Deze bloei zie je nog terug in de mooie huizen en een aardige parochiekerk. Deze laatste is gebouwd in de twaalfde eeuw waarna later verschillende delen zijn aangebouwd. Binnen staat een aardig altaarstuk uit de achttiende eeuw.

Rochefort-en-Terre

Zeker zien:

- Kasteelpark
- Naïa Museum
- Kerkje

Locatie:

open in maps

Locatie:

Open in maps

In de omgeving kan je uitstekend wandelen en bij de VVV zijn kaarten te krijgen met wandeltochten die de mooiste plekjes in en rondom het dorp laten zien.

Naast dat Rochefort-en-Terre een ‘plus beaux village de France’ is werd het dorp in 2016 gekozen tot Le village préféré des Français. Dit is een jaarlijks televisieprogramma waarin sinds 2012 het mooiste dorp van Frankrijk wordt gekozen. Een soort The Voice voor dorpen zou je kunnen zeggen. Andere dorpen die werden gekozen zijn Saint-Cirq-LapopieEguisheim en Keysersberg.

Video van Rochefort-en-Terre

E-Magazine

In bezit een ereader of tablet? Download dan één van de E-Magazine. Deze lees lekker je op je vakantieadres en ontdek je mooiste dorpen en leukste plekken.

Evenementen in Rochefort-en-Terre

Van juni tot september
Tijdelijke tentoonstellingen met schilderijen en beelden
Juli
Aardewerkmarkt
Tweede helft augustus
Middeleeuwen feest
Juli en augustus
Concerten

Kaart van Rochefort-en-Terre en omgeving


Les plus beaux villages de France
weergeven op een grotere kaart
Lacronan kerk cc Claude Valette

Locronan: dorp van graniet in Bretagne

Dat is een vierhoek met een omtrek van twaalf kilometer die het aantal maanden van de Keltisch jaar symboliseert. ‘If you can beat them, join them’ moet Ronan gedacht hebben en dus kerstendehij  de Nameton. Dat had Bonifatius misschien ook moeten doen met die eik bij Dokkum. Elk jaar wordt er nog trouw een processie georganiseerd om Ronan te eren. Deze leidt langs de twaalf kilometer die volgens de legende elke dag wordt afgelegd door de heilige.

Naast Pelgrimsoord bracht ook de hennepteelt welvaart. Nu was het niet zo dat ze daar in de zeventiende eeuw massaal in de coffeeshop zaten. Hoewel het niet duidelijk is of het veel werd genuttigd, is het wel zeker dat het gewas werd gebruikt voor het maken van touwen, een product waar in de vele havens in Bretagne veel vraag naar was. Het dorp heeft naast prachtige huizen en een kerk tevens twee kleine kapellen en een museum.

Le Faou: dorp in de Finistère

Het was voor ons niet echt een reden om Le Faou aan te doen tijdens een dagtripje door Bretagne. Bij aankomst valt allereerst de brug over de rivier op. Het water heeft aan de ene kant van de oude stenen brug een totaal andere karakter dan aan de andere kant.

De rivier heeft aan de oostkant van het bouwsel het aanzien van een flinke beek, aan de andere kant ziet het er uit als een baai. Al was dat niet het geval bij onze aankomst want het was eb en net als in de rest van Bretagne heeft de zee hier een enorm verval en stond de hele baai leeg.

Kerkje in het dorp Le Foau dorp in Bretagne, Frankrijk

De kerk die naast de brug en langs de baai staat is één van de meest interessante gebouwen van La Faou. Het heeft die typische Bretonse lage bouw compleet met een dunne en open toren. Het gebouw is zeer gevarieerd en je ogen hebben daarom genoeg te doen en ook binnen is er aardig wat te zien.

De rest van het dorp was zoals goed Frans gebruik bijna uitgestorven. Toch is er aardig wat middenstand zoals een bakker en een veelbelovende slager. Daarnaast zijn er tal van restaurantjes die er ook goed uitzagen; hier komt de innige mens niets te kort.

De architectuur van de huizen valt op. De dakpannen worden hier ook verticaal gebruikt zoals ook in Noord-Holland wel voorkomt. De gebouwen hebben daarbij zeer aardige en leuke details die in eerste instantie niet opvallen.

Lavardens: kasteeldorp in de Gers

Naast het kasteel is ook het hele dorp ooit ommuurd geweest. Dat is helaas nu niet het geval meer maar er zijn nog vijf torens. De hoogste daarvan is vijftien meter hoog en die is ziet er ook het best uit.

Het huidige kasteel heeft tijdens deze verbouwing zijn huidige vorm gekregen en het heeft een soort van natuurlijke schoonheid. De eenvoudige vormen en de goede verhoudingen maken het kasteel een prachtig bouwwerk dat ook nog eens interessante vertrekken heeft. Sommige daarvan hebben een prachtige vloer van natuursteen die op een unieke wijze is gelegd. Daarbij bezitten sommige kamers een prachtige akoestiek. In de zomer worden hier concerten gehouden.

In de negentiende eeuw raakt het kasteel in verval waarna pas in 1970 een serieus plan wordt gemaakt om het kasteel van Lavardens te redden. Dat is gelukt en nu zijn er tentoonstellingen en andere culturele zaken te zien. Het bekijken van het kasteel is dan ook een must bij een bezoek aan het dorp.

Natuurlijk is het dorp meer dan het kasteel en je kan er ook goed eten. Er zijn meerdere restaurants waar je plaatselijke specialiteiten tot je kan nemen. Vergeet daarbij na de dis een lekker glas Armagnac niet.

Saint-Antoine-l’Abbaye: kloosterdorp in de Isère

De overblijfselen van zo’n heilige kluizenaar, de relieken, hadden dan ook veel aanzien en niet zelden gebeurden er allerlei wonderen. Voor de relieken van de heilige Antonius werd een klooster gebouwd door de monniken van Montmajour en waarna het uitgroeide tot een dorp en is dus nu een Plus Beaux Village de France.

De gebouwen van de abdij domineren nog altijd het dorp waarbij de abdijkerk de meest opvallende is. In twaalfde eeuw werd er begonnen met de bouw en die zou tot de vijftiende eeuw duren. Ook toen gebeurde het wel eens dat een publiekelijk bouwproject wat langer duurde.

Het resultaat mag er wezen. De flamboyante gotische stijl is nog altijd indrukwekkend en een bezoek aan het dorp is niet compleet zonder een kijkje in de kerk. Neem dan even tijd om het portaal van de kerk goed te bekijken. Het klooster omvat een museum met een prachtige middeleeuwse tuin.

Saint-Antoine-l’Abbaye bevat nog een klein pretpark dat curieus genoeg piraten als thema heeft. Je zou toch monniken of bisschoppen verwachten maar zover reikt het historisch besef van de plaatselijke bevolking kennelijk niet. Niet dat dit heel erg is want piraten zijn ook mooi en de kinderen zal het een worst zijn. Verwacht hier trouwens geen achtbanen en reuzenraden maar gewoon een leuke grote speeltuin met hier en daar een piraat. De kleine kinderen vermaken zich hier prima, pubers vervelen zich waarschijnlijk snel.

Moncontour: gezellig dorp in Bretagne

Het dorp, of eigenlijk stadje, beleefde in de zeventiende eeuw een economische bloei dankzij de productie van linnen en jute. Veel mooie huizen die er nu nog staan zijn in die tijd gebouwd. In één daarvan is een kostuummuseum gevestigd. Het betreft een zeer uitgebreide verzameling van toneelkostuums van de middeleeuwen tot de vroege twintigste eeuw.

Tot slot is het kerkje Église St-Mathurin interessant. Hij is gebouwd in de zestiende eeuw maar helemaal herbouwd in de achttiende en heeft een mooie renaissance gevel. Loop zeker even binnen want de glas-in-lood ramen zijn nog origineel.

Saint-Jean-Pied-de-Port: klassieke etappeplaats naar Santiago de Compostella

Pelgrims

Santiago werd direct een pelgrimsoord en veel christenen bezochten deze plek maar het duurde tot de elfde eeuw voordat het echt een populaire bestemming werd. Net als in de negende eeuw kende Europa in de elfde eeuw een flinke bevolkingsgroei waardoor er eenvoudigweg meer mensen waren. Daarbij kon het geloof op een hernieuwde belangstelling rekenen door met name het gewone volk en de kloosters. Die laatste stimuleerden de pelgrimstochten onder de gelovigen en die naar Santiago was daarbij de meest populaire.

Vooral in Frankrijk, het land met de meeste inwoners in West-Europa, was de Camino populair en er ontstond een netwerk van wegen waarvan drie van de vier routes vlak ten noorden van Saint-Jean-Pied-de-Port bij elkaar komen. De nieuwe stroom pelgrims zorgde voor rijkdom en werk en die is eigenlijk nooit opgehouden. Ook nu nog lopen veel mensen de Camino, sommige uit religieuze redenen, andere om andere spirituele redenen of alleen als sportieve recreatie.

Romaanse kerk

Saint-Jean-Pied-de-Port is daarmee misschien wel één van de oudste toeristische trekpleisters van Frankrijk. De kerk is opgetrokken uit in Romaanse stijl waardoor je de invloed van de kloosters, met name die van Cluny, kan zien. Opvallend daarbij is dat de klokkentoren een poort heeft die je naar de hoofdstraat leidt. Deze is ingericht op de hongerige wandelaar en je kan hier heerlijk eten en genieten van lokale producten.

Deze hoofdweg leidt naar de Citadel die hoog boven het dorp uitsteekt. Helaas is hij niet te bezoeken omdat er nu een school in zit, maar je kan er wel omheen wandelen. De burcht is gebouwd in de zeventiende eeuw en staat op de plek waar ooit het huis stond van de koning van Navarra.

Lekker eten kan je hier prima. Varkens- en lamsvlees worden hier op een unieke manier geserveerd waarbij niet op een pepertje meer of minder wordt niet gekeken. Naast dit lekkers wordt er een groente schotel met gedroogde ham gegeten. Voor de liefhebber van zoetigheid is er de Pastiza; een eenvoudige maar zeer lekkere kersentaart.

La Roche-Guyon: dorp langs de Seine

Kasteel

Na de val van het Romeinse rijk bleef door de strategische ligging La Roche-Guyon een belangrijke plek. Dat gaat gepaard met mythologische gebeurtenissen van allerlei lokale helden en heiligen. Mooie verhalen maar wat we zeker weten is dat in de elfde eeuw een kasteel is gebouwd op de hoge krijtrotsen boven de rivier om het koninklijk gebied rond Parijs te verdedigen. Kennelijk was dat nodig in die tijd.

Een eeuw later wordt het kasteel grondig verbouwd en daarbij wordt er iets opmerkelijks gedaan. In de rots waar het kasteel staat wordt vanaf het dorp een tunnel naar de burcht gegraven. Deze tunnel bestaat nog en brengt je in 250 treden naar de kerkers van het kasteel. Zeker even kijken als je er bent.

In de loop der eeuwen gaat het kasteel, het dorp en het recht om tol te heffen op schepen op de Seine over van verschillende aanzienlijke adellijke families. Tijdens de achttiende eeuw wordt onder de rots stapje voor stapje een nieuw kasteel gebouwd. Als je goed kijkt zie je duidelijk de verschillende stijlen van de gebouwen. De minder bedeelde mensen van het dorp hakken in rotsen woning uit en die zijn er ook nog. Het dorp wordt in deze tijd een belangrijk knooppunt van handel en dat trekt steeds meer mensen. Het centrum moet een gezellige boel zijn geweest met kroegen en herbergen.

In de negentiende eeuw krijgt La Roche-Guyon te maken met krimp. Hoewel de bevolking halveert verdwijnen de handel en de kleine ambachten niet en dat zorgt voor leven in de brouwerij. Er wordt geprobeerd wijn te verbouwen langs de oever van de Seine. Ondanks de kalkgrond, dat goed is voor de druiven wordt het geen succes en verdwijnen de wijngaarden na verloop van tijd. Kennelijk was het spul niet te zuipen.

Hugo en impressionisten

Victor Hugo verblijft in deze tijd twee keer in het kasteel. Hij vindt het somber, verlaten en desolaat en als goed romanticus is dat in zijn ogen prachtig. Hij schrijft er aan zijn dochter over. Hij is niet de laatste kunstenaar die het dorp bezoekt.

In het tweede deel van de twintigste eeuw wordt het dorp zelfs populair bij de impressionisten. Monet, Renoir, Degas, Pissarro zijn vaak te vinden in de straatjes en vinden inspiratie in het landschap. Er zijn dan ook flink wat schilderijen gemaakt in en rondom het dorp. De reden van deze populariteit is dat de eigenaar van de stamkroeg van de kunstenaars in Parijs oorspronkelijk uit dit dorp kwam.

Erwin Rommel

Het dorp duikt in de twintigste eeuw nog even op in de wereldgeschiedenis als de Duitse Generaal Rommel in 1944 het kasteel zijn hoofdkwartier maakt. Zijn voornaamste taak was het tegenhouden van de Engelsen en Amerikanen die een aanval voorbereiden. Tijdens D-Day was Herr Rommel echter niet op zijn werkplek te vinden maar onderweg naar zijn jarige vrouw. Hij had een nieuw paar schoenen voor haar gekocht.

Op deze plek moet de beroemde generaal contact met de groep rond Von Stauffenberg hebben gehad over een complot tegen Hitler. Deze mislukte echter jammerlijk en dat kostte Rommel uiteindelijk zijn leven. Dankzij zijn populariteit onder het volk mocht hij de hand aan zichzelf slaan.

Tot slot is het gemeentehuis en de overdekte markt nog even een bezoekje waard. Deze zijn gebouwd in de negentiende eeuw en zeker een bezoekje waard.

Veules Les Roses: charmante badplaats met de kleinste rivier van Frankrijk ***

Maar terug naar de rivier, of beter de bron daarvan. Voor ons bezoek was ik wel gefascineerd door het feit dat je makkelijk de hele rivier kon aflopen. Dat had ik naar mijn weten nog nooit gedaan en ineens kreeg ik de wens om ooit in mijn leven een rivier te hebben af gelopen.

Bron van de rivier Veules in het dorp Veules-les-Roses in Normandië

De bron van de kleinste rivier van Frankrijk Veules bevindt zich in een soort van badkuip waar het water naar boven borrelt.

Niet dat ik er nooit had nagedacht om een complete rivier af te zakken. De Rijn, de Loire of de Rhône aflopen lijkt mij erg leuk maar wel wat tijdrovend, een fiets of een bootje is natuurlijk een optie maar ook nog een onderneming. Thuis hebben we de Zaan die je makkelijk kan aflopen maar die heeft niet echt een bron en mondt ook niet uit in de zee. Met alle respect voor de Zaan maar echte rivieren hebben een bron en komen uit in de zee. Anders ben je eigenlijk een zijrivier, ook mooi maar anders.

En nu lag er ineens de mogelijk om een complete rivier af te wandelen want de Veules is die zin wel een echte rivier en met 1149 meter is het ook goed te doen. En dat is precies wat we gedaan hebben of sterker nog; we zijn de rivier helemaal afgelopen én weer terug. Natuurlijk had ik dit plan al voordat we het dorp naderde maar mijn gezinsleden wisten er niets van.

Op winderige en koude dag in juli reden we een parkeerplaats op die zich vlak vlak naast de bron bevond. Dat was meer toeval dan wijsheid want de voornaamste reden om daar te parkeren was een groot bord ‘Creperie’ en we hadden best trek. Helaas bleek deze gesloten te zijn.

Eenmaal uit de auto kwamen er achter dat we vlakbij bij de bron waren en dan ga je natuurlijk even kijken. Deze vonden we in een aangenaam soort parkje met veel groen, water en natuurlijk een aantal picknicktafels. Die zijn er altijd overal in Frankijk en helemaal in een leuk parkje naast een parkeerplaats. Terwijl wij de bron inspecteerde werd één van de tafels in bezit genomen door een Frans gezin.

Waterkers

Waterkers bassins in Veules-des-Roses in Frankrijk

Vlakbij de bron liggen grote bassins waar waterkers wordt gekweekt en dat is samen met oesters de plaatselijke delicatesse.

De bron is niet indrukwekkend en is feitelijk een kleine vijver met opborrelend water. Dit loopt vervolgens naar grote waterbassins waar waterkers wordt gekweekt. Waterkers is een ding hier in het dorp, ze zijn er dol op.

Dit komt doordat het plantje van nature in de rivier groeit en het vormt samen met oesters plaatselijke delicatesse. Die laatste komen rechtstreeks uit de zee waardoor het zoete en het zoute water hier ook op het bord te vinden is. Hoe Frans wil je het hebben?

Maar terug naar onze wandeling want dankzij de aangename atmosfeer rondom de bron en de bassins opperde ik het plan om de rivier helemaal af te lopen. Dat viel in goede aarde en het hele gezin begon aan de ‘expeditie’. Daarbij werd deze wandeling doormiddel van mooie bewegwijzering aangeprezen.

Bij de waterbassins staat ook nog een mooie oude watermolen te pronken waarna De Veules lekker door een mooi wijkje kronkelt waarvan de huizen in Bloemendaal niet zouden misstaan. Daarna loop je over een soort van bospad terwijl het water links van je lekker blijft stromen. We liepen net tussen de bomen toen een vrolijke zomerse stortbui ons kwam verfrissen.

Gelukkig zijn de afstanden in Veules-les-Roses niet groot en liepen we binnen een paar minuten het centrum binnen. Naast een bakker en een kleine kruidenier zijn hier flink wat eetgelegenheden om de innige mens te verwennen. Het was er ook gezellig druk met hier en daar een terras met lunchende mensen.

Bruggetje over de kleinste rivier van Frankrijk; de Veules

De rivier meandert door het dorp. Hier loopt het water onder een brug dat onderdeel is van het terras van een hotel-restaurant.

In het centrum vind je ook het kerkje die is gewijd aan Sint Maarten. Het verbaasde mij wel enigszins want Veules-les-Roses is oorspronkelijk een vissersdorp en daar is het gebedshuis vaak aan Sinterklaas gewijd en was er ook vroeger maar die stond helemaal bij het strand en is nu verwoest. In het centrum is het dus Sint Maarten maar dit gebouw bleek helaas tijdens ons bezoek gesloten. Mogelijk was de koster met lunchpauze maar het was wel een beetje jammer want het plafond van de kerk moet bijzonder zijn. Mocht je er zijn ga dus even kijken.

In het centrum waren de rivier even kwijt. We volgden de hoofdstraat richting het strand waar tal van leuke winkels zijn. Na een paar honderd meter bereikten we een pleintje waar de rivier onder een huis vandaan kwam om na een tiental meter weer te verdwijnen onder een hotel.

Achter het hotel loopt de Veules weer door in een soort van perkje met veel beplanting en riet. Wij vermaakten ons door het twee eenden die zich vermaakten met de harde stroming het water. Eenden zien er enorm leuk uit en ze bewegen zich ook nog eens erg grappig.

Daarna verdwijnt de rivier onder een burg om zich uiteindelijk via het kiezelstrand in de zee te storten. Het kostten ons in totaal een half uurtje om rustig lopend met veel pauzes om zaken te bekijken de hele rivier af te lopen.

Het strand is uiteindelijk de reden waarom het dorp hier ligt. Ooit trokken hier de vissers hun boten op de kiezels maar sinds een kleine anderhalve eeuw zijn het toeristen die hier de economie trekken.

Belle époque

De charme van het dorp werd voor het eerst opgemerkt in de tweede helft van de negentiende eeuw toen de wereld werd geregeerd door de burgerij en Parijs het centrum van de wereld was. Tijdens deze tijd veranderde de wereld en is ook het moderne toerisme ‘uitgevonden’, eerst in Engeland maar heel snel ook in Frankrijk. De eerste toeristen kwamen uit de grote stad en vooral kustplaatsen waren zeer in trek.

Villa uit de negentiende eeuw in Veules-les-Roses

In de negentiende eeuw was het dorp een plek waar veel beroemde mensen de zomer doorbrachten. In die tijd werd fraaie villa’s gebouwd waarvan dit een prachtig voorbeeld van is.

En zo werd ook Veules-les-Roses ontdekt door de elite van Parijs. Veel bekende Fransen uit het belle époche, waaronder Victor Hugo, zochten hier in de zomer verkoeling en de zuivere lucht van de zee. In tegenstelling tot de grote kustplaatsen zoals Nice is dit Normandische dorp altijd klein gebleven en hoewel er in de negentiende eeuw fraaie huizen zijn gebouwd, zijn hier nooit de grote hotels verschenen en dat geeft het een uniek karakter.

Ondertussen was onze trek uitgegroeid en werd er door de gezinsleden eten geëist. Na enige overleg besloten een patatje te eten die we op de kleine wandelboulevard nuttigde. De wind zorgde voor een vrij ruige zee dat het uitzicht best aantrekkelijk maakte.

Daarbij viel het ons op dat ook niet het verschil tussen eb en vloed best groot is. Tijdens de eerste dag in Normandië waren we namelijk hier al gestopt, al was op de parkeerplaats boven op de klif naast het dorp.

We zijn toen naar beneden gelopen tot de houten pier die jongeren gebruikte om vanaf te duiken. Nu zou de levensgevaarlijk zijn want je kon nu gewoon onder de pier doorlopen. Op het strand zelf was het niet druk al waren wel een aantal mensen aan het zwemmen, het water had kennelijk toch een aangename temperatuur.

Slag om Veules-des-Roses

Op het strand vond aan het begin van de Tweede Wereldoorlog het slotakkoord plaats van de Slag om Frankrijk. Zoals bekend werd deze gewonnen door Duitsland die doormiddel van een snelle opmars van pantserbrigades het Franse leger verpulverde.

In juni 1940 vluchtten zo’n 15.000 Franse en Engelse soldaten naar Veules-les-Roses om zo aan de Duitse tanks en vliegtuigen te ontkomen. Dankzij een vloot van Belgische, Engelse en Franse schepen lukte het uiteindelijk om zo’n 3.000 te evacueren. Dit alles gebeurde acht dagen na ‘Duinkerken’ waarbij een heel Engels leger werd gered. De slag bij Veules-des-Roses geldt als de laatste van een reeks veldslagen waarna Frankrijk zich over gaf.

Bij deze operatie zonken uiteindelijk vijf schepen waaronder de ‘Corons’. Van dit schip staan boven op de klif twee stukken geschut. Het schip zelf ligt nog steeds voor de kust en je kan het ook zien als het eb is. Wij hebben haar helaas niet gezien.

Brouage: vesting uit de zestiende eeuw in het moeras

De vesting Brouage was vooral een opslagplaats van wapens maar er kon ook een garnizoen van zesduizend man herbergen. Daarmee werd de vesting feitelijk onneembaar zeker gezien de moerassen die zich in de zeventiende eeuw rondom het dorp hadden gevormd. Een eeuw eerder lag Brouage nog een haven met directe toegang tot de Atlantische Oceaan maar door verzanding waren de verschillende eilanden voor de kust aan elkaar gegeroeid. De moerassen die daarbij zijn ontstaan vormde een natuurlijke bondgenoot van de verdedigers.

De citadel zelf omvat een vierkant van vierhonderd bij vierhonderd meter. De wallen zijn niet heel hoog maar met zeven bastions versterkt met kleine torentjes doen ze hun taak uitstekend. Een wandeling rondom Brouage over de muren is dan ook een must waar bij belangrijke punten op borden wordt uitgelegd wat er terplekke is gebeurd.

Door de omwalling kreeg het dorp poorten en nog steeds zijn dat de enige toegangswegen. Binnen de wallen is de kerk met zijn houten dak interessant en zijn er in de eetzaal van de barakken tentoonstellingen. Verder zijn er leuke kleine winkeltjes en aantrekkelijke restaurantjes waar je oesters kan eten.